Tot voor kort kon u als vleesveehouder alleen BVD-vrij certificeren via een (kostbaar) volledig koppelonderzoek met bloedmonsters. Nieuwe BVD programma’s bieden u nu een laagdrempelige manier om toch BVD-vrij te certificeren!

in algemeen

Wellicht bent u bewust van de gevaren van BVD (Bovine Virus Diarree) dat niet alleen in Nederland veelvoudig voorkomt, maar ook uw kudde als geen andere ziekte ernstig schade toebrengt. Daarbij komt nog dat veel kuddes hiermee zijn besmet zonder dat u ervan afweet. De vele lezingen van de GD (Gezondheidsdienst voor Dieren) tijdens onze LSN vergaderingen geven overduidelijk bewijs van deze gevaren. Het enige goede nieuws van BVD is dat deze ziekte (anders als bijvoorbeeld Paratuberculosis) toch nog redelijk snel uit te roeien is. In het kort de ziekte puntsgewijs:

 

  • Besmetting van BVD vindt plaats door een dier dat dat “BVD drager” is.
  • Besmetting vindt alleen plaats aan een kalf dat zich nog in de baarmoeder bevindt en dan alleen in de periode tussen de 25e en 125e dag van de dracht.
  • Het BVD virus doet de moeder weinig tot niets, omdat zij daar antistoffen voor aanmaakt (als zij geen natuurlijke drager is), maar het kalf in de baarmoeder ziet het virus als “lichaamseigen” en wordt daardoor besmet en wordt bij geboorte een “BVD virusdrager” en blijft dat ook voor het hele leven en kan daarvan niet meer genezen, ook is er geen medicijn voor, maar integendeel besmet daarmee veel andere drachtige koeien als een soort “troyaans paard”.
  • Een BVD virusdrager leeft afhankelijk van de besmettingsdruk op uw bedrijf niet langer dan 2-4 jaar (leeftijd van afkalven!) en sterft aan allerlei verstoorde darmklachten.
  • De uitdaging is dus om alle BVD virusdragers te ontdekken op uw bedrijf en die in één keer af te voeren en daarna alle koeien die afkalven zoveel mogelijk af te zonderen van de kudde en deze kalveren net na de geboorte weer te testen of zij virusdrager zijn en de dragers dan ook meteen weer af te voeren. Zo kun je in korte tijd virusvrij worden.
  • Omdat je een kalf toch moet oormerken, kan je net zo goed “oorbiopten” (oormerken met een BVD testbuisje erin) gebruiken, en deze monsters insturen naar de GD. Een super makkelijke manier om BVD dragende kalveren te identificeren. Als je het nog slimmer wilt aanpakken, kan je ook oormerken bestellen die zowel voor BVD als DNA analyse geschikt zijn! Dan heb je meteen DNA van het dier en hoef je niet later een duur onderzoek te laten doen als je bijvoorbeeld een stier wilt gebruiken of verkopen voor de fokkerij.

 

(bron van het volgende onderstaande bericht: GD)

De nieuwe BVD-programma’s die met de landelijke aanpak voor melkveehouders beschikbaar zijn gekomen, bieden nu ook vleesveehouders de kans om op een laagdrempelige manier BVD-vrij te certificeren. Tot voor kort konden vleesveebedrijven alleen via volledig koppelonderzoek in bloed BVD-vrij certificeren.

In het kader van de landelijke aanpak die op 1 april 2018 start onder melkveehouders, zijn er vier BVD-programma’s (‘routes’) ontwikkeld. Twee van deze routes zijn volledig nieuw en zijn ook aantrekkelijk voor niet-melkleverende bedrijven die graag op een eenvoudige, geleidelijke manier willen werken aan de BVD-vrijstatus. Het betreft de route BVD-vrij (route oorbiopten) en BVD-vrij (route jongvee antistoffen).

BVD-vrij (route oorbiopten)

Voor veel vleesveebedrijven zijn oorbiopten een ideale manier van BVD-bewaking. Het monster (oorbiopt) kan namelijk in één handeling met het oormerken genomen worden; de kalveren hoeven niet na een maand nog te worden vastgezet om bloed te tappen. Direct na de geboorte onderzoek doen maakt bovendien dat snel bekend is of het kalf een BVD-drager is of niet. Zeker op een vleesveebedrijf, waar de kalveren vaak tussen de koppel lopen, is dat van groot belang.

Met de lancering van het programma BVD-vrij (route oorbiopten) is het nu mogelijk om met deze manier van onderzoek ook langzaam maar zeker te werken aan de BVD-vrijstatus. Het programma is gebaseerd op oorbioptonderzoek bij alle pasgeboren kalveren (inclusief stierkalveren en doodgeboren kalveren). Wanneer consequent oorbiopten worden genomen en er in een periode van 10 aaneengesloten maanden geen BVD-dragers zijn geboren, ontvangt het bedrijf de status ‘onverdacht’. Na nog eens 24 maanden kan het bedrijf de vrijstatus krijgen.