Het gepubliceerde GVE fosfaatreductieplan pakt helaas erg slecht uit voor vleesveehouders!

in algemeen

Via de Staatscourant is het GVE fosfaatreductieplan gepubliceerd, mede met grote gevolgen voor de vleesveehouder in Nederland. Wat eerst onze deur voorbij zou gaan, heeft anders uitgepakt en de nietsvermoedende vleesveehouder wordt nu gedwongen te participeren in deze omstreden regeling.

klik hier voor het Staatscourant bericht: fosfaatreductieplan

Op zich is het plan niet echt logisch omdat er opmerkelijk verschil wordt gemaakt tussen melkveehouders en vleesveehouders nog ten nadele van de vleesveehouders ook. Uiteindelijk is de algemene codering van onze zoogkoeien en het niet rekening houden met de verschillen die er zijn t.o.v. melkvee de oorzaak hiervan. Hoe het allemaal finaal zal gaan uitpakken is overigens nog steeds onbekend omdat het verlengen van derogatie in Nederland nog steeds onzeker is. Wordt derogatie afgeschaft, dan vervalt de hele fosfaatregeling en komen er weer andere maatregelingen. Nederland slaat nu wild om zich heen omdat de politiek steeds gezocht heeft om derogatie te handhaven.

In tegenstelling van de referentiedatum voor melkveehouders is er een nieuwe referentiedatum voor vleesveehouders vastgesteld op 15 december 2016. Men houd er blijkbaar ook geen rekening mee dat de situatie ten aanzien van het aantal stuks vee dat gehouden wordt op vleesveebedrijven geheel anders is dan op melkveebedrijven. Een melkveehouder heeft doorgaans hetzelfde aantal koeien op zijn bedrijf, maar het aantal koeien bij de vleesveehouder kan veel meer variëren. In ieder geval kan het gesloten vleesveebedrijf ontkomen aan de het fosfaatreductieplan voor bij melkveehouders als de vleesveehouder voor 1 maart 2017 op minimaal hetzelfde niveau zit van de gestelde peildatum van 16 december 2016. Deze alternatieve GVE fosfaatreductieplan regeling voor vleesveehouders is met name ingevoerd om allerlei vluchtroutes voor melkveehouders af te dichten die anders hun vee naar de vleesveehouderij kunnen afvoeren. Het lijkt op een slimmigheidje van den Haag in het nadeel van de vleesveehouderij en een klap voor onze markt omdat op deze manier de vleesveehouder moet boeten voor de situatie die bij de melkveehouders uit de hand is gelopen.

Er wordt geteld in GVE’s (grootvee-eenheden). Het aantal GVE’s ofwel grootvee-eenheden (zoogkoeien die tenminste 1 x hebben gekalfd gelden als 1 GVE, pinken ouder dan een jaar als 0,53 GVE en kalveren jonger dan 1 jaar als 0,23 GVE) dat u op 15 december 2016 op uw stallijst had staan met een toegestane surplus van 2 GVE’s, is referentie voor dit jaar. Er wordt gecontroleerd in 5 perioden, maart/april, mei/juni, juli/augustus, september/oktober en november/december. De boetes zijn niet van de lucht en bedragen €480,- per GVE, per periode. De boetes die een veehouder betaalt worden door RVO in een pot verzameld en als bonus weer uitgekeerd aan veehouders die netjes meelopen in het GVE reductieplan. Ook is nog onduidelijk of ook vleesveehouders zullen delen in deze bonusregeling. Er is ook sprake van een 4% reductie op het aantal van de referentiedatum voor niet grondgebonden veehouders, oftewel veehouders die onvoldoende grond hebben voor hun mestafzet. Veehouders met gemiddeld 5 of minder GVE’s hebben niets te vrezen, want die vallen buiten deze regeling.

Het is dus belangrijk om op zeer korte termijn na te gaan wat uw bedrijfssituatie is ten aanzien van het GVE fosfaatreductieplan omdat de regeling reeds per 1 maart ingaat. Waar men de veehouder zo lange tijd in onzekerheid liet, overvalt ons nu plotseling. Wat te doen in een situatie waar ineens geforceerd koeien moeten worden geruimd? Onze zoogkoeien zitten ook nog eens middenin de afkalfperiode! Wat van het kalf dat onder de gedupeerde zoogmoeder loopt die moet worden afgevoerd? Is het vee überhaupt wel met goed fatsoen af te voeren nu heel Nederland ineens koeien gaat afvoeren? Allemaal praktische vragen die grote gevolgen hebben voor onze markt. Het lijkt erop dat een aantal boeren die in de buurt van de grens wonen hun overtollig vee tijdelijk naar het buitenland exporteren, of daar zelfs een boerderij kopen waar hun overtollig vee wordt gestald. Immers tellen alleen de GVE’s die in Nederland op de stallijst staan.

Uiteraard is er ook een knelgevallenregeling, maar voldoende tijd om fatsoenlijk bezwaar aan te tekenen is er eigenlijk niet en ruimte voor ontvankelijkheid voorlopig al helemaal niet. Het is dus te hopen dat belangenorganisaties hun verantwoording nemen en flink aan de slag gaan bij de overheid. Inmiddels hebben we vernomen dat initiatiefnemers beginnen te beseffen dat het wel erg slecht uitpakt voor zoogkoeienhouders die na 15 december 2016 vrouwelijk vee hebben aangevoerd, maar of er tijdig alternatieve maatregelingen zullen komen voor deze groep is niet bekend. Voorlopig wordt er nog geredeneerd: “Gedupeerd?; pech gehad”.

Heeft u vragen over dit onderwerp, schroom dan niet om bij het bestuur aan te kloppen,

Het stamboekbestuur